Rijksmap › Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap › Inspectie van het Onderwijs › rapport
Peil.Mondelinge taalvaardigheid. Einde basisonderwijs 2016-2017
Open het rapport bij de bron Toon dit rapport in de interactieve RijksmapWaar gaat dit rapport over?
Landelijke peiling van de mondelinge taalvaardigheid van leerlingen aan het einde van het basisonderwijs, uitgevoerd onder 2324 leerlingen van 121 scholen in schooljaar 2016-2017, met vragenlijsten onder schoolleiders en verdiepend observatie- en interviewonderzoek op vijftien scholen. Het fundamentele niveau wordt ruimschoots gehaald: 95 procent van de leerlingen beheerst dat voor luisteren, 92 procent voor spreken en 87 procent voor gesprekken, tegen een ambitie van 85 procent. Het streefniveau blijft achter met 40 procent voor luisteren, 62 procent voor spreken en 49 procent voor gesprekken, tegen een ambitie van 65 procent. Vergeleken met de peiling uit 2007 presteren leerlingen slechter op luisteren, terwijl spreekvaardigheid gelijk bleef. Ruim veertig procent van de scholen heeft geen doelen voor mondelinge taalvaardigheid vastgelegd en slechts twintig procent gebruikt daarvoor de referentieniveaus; nascholing en bestuurlijke betrokkenheid zijn beperkt en leerkrachten missen meetinstrumenten om ontwikkeling te volgen. De geobserveerde lessen zijn wel planmatig en contextrijk.
Risicothema's
Personeel, diversiteit en behoud van talentCommunicatie, reputatie en stakeholdersGovernance en verslaggeving
Waarom deze indeling: De peiling meet de spreek-, luister- en gespreksvaardigheid van leerlingen als basis voor hun verdere ontwikkeling (humancap). Mondelinge taalvaardigheid is per definitie communicatievaardigheid, en de onderzoekers wijzen op invloed van beeldcommunicatie en de taalrijkheid thuis (comms). Op schoolniveau gaat het om doelen in het schoolbeleidsplan, zicht op ontwikkeling, nascholing en betrokkenheid van het bestuur (governance).
Toegekend met een AI-model (Opus 5) op basis van de zestien thema's van Risk in Focus; niet door mensen gevalideerd. Om de labels beter te onderbouwen gaan we ze gefaseerd herbeoordelen met een tweede, onafhankelijk model van een andere aanbieder (OpenAI naast Anthropic); vanwege tokenlimieten gebeurt dat stapsgewijs. Ziet u een fout? Laat het weten.
Waar hoort dit rapport bij?
- Ministerie
- Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Organisatieonderdeel
- Inspectie van het Onderwijs
- Bron
- Rijksinspecties en andere toezichthouders: Inspectie van het Onderwijs
- Datum
- 2019-03 (alleen de maand is bekend)
Bronnen
- Het rapport zelf
- originele publicatie
- Omschrijving
- samenvatting door een AI-model (Opus 5) op basis van de publicatie
- Risicolabels
- toegekend met een AI-model (Opus 5) volgens de zestien thema's van Risk in Focus (ECIIA), niet door mensen gevalideerd
- Indeling bij een onderdeel
- rapportreview van de Rijksmap, op basis van de organisatie die in het rapport wordt genoemd
- Bijgewerkt
- augustus 2026
Andere rapporten over Inspectie van het Onderwijs
- 2026-07-06Onderzoek inschrijving en toelatingInspectie van het Onderwijs
- 2026-06-29Zwaktes in het systeem van stage en examinering: een verborgen route achter diplomafraudeInspectie van het Onderwijs
- 2026-06-29Van EVC naar diploma: een verborgen route achter diplomafraudeInspectie van het Onderwijs
- 2026-05-20Uitvoeringstoetsen Inspectie van het Onderwijs onvolledigAlgemene Rekenkamer
- 2026-05-20Uitstroom naar regulier onderwijsInspectie van het Onderwijs
- 2026-04-20Bezorgd en betrokkenInspectie van het Onderwijs
Alle openbaar bekende rapporten over Inspectie van het Onderwijs