Rijksmap › Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid › rapport
Onbenut potentieel - Gebrek aan resultaten taalverwerving en arbeidsparticipatie bij inburgering
Open het rapport bij de bron Toon dit rapport in de interactieve RijksmapWaar gaat dit rapport over?
Nederland slaagt er nog nauwelijks in om erkende vluchtelingen aan het werk te krijgen in bedrijfssectoren met grote personeelstekorten, zoals de bouw, zorg of techniek. Het onderzoek van de Algemene Rekenkamer Onbenut potentieel over de werking... Wij concluderen daarom dat de resultaten van de inburgeringswet onvoldoende zijn, veel potentieel van statushouders blijft onbenut. Inburgering duurt langer, het bereikte niveau is lager en de tekortsectoren worden nauwelijks bereikt. Bij het uitblijven van urgentie en bijsturing, blijft het inburgeringsbeleid wensdenken, schrijft de Rekenkamer in het onderzoeksrapport. Statushouders kunnen nog steeds niet snel aan de slag en het aanbod van taalcursussen kan verbeteren. De redenen dat deelname aan de samenleving maar langzaam verbetert zijn divers. De trage asielprocedures of het probleem om een vaste woonplaats te vinden spelen een rol. Net als het tekort aan taaldocenten of een gebrek aan kinderopvang. Ook blijkt betaald werk nog steeds moeilijk te combineren met verplichte taallessen. Wet draagt nog niet bij aan snel en volwaardig meedoen De huidige inburgeringswet geldt sinds 2022. Dit nieuwe onderzoek - voor de jaren 2022 tot en met 2024 gaat het om bijna 65.000 statushouders - wijst uit dat vluchtelingen met een verblijfsstatus nu meer begeleiding vanuit gemeenten krijgen dan onder de vorige inburgeringswet. Ook wordt er meer taalonderwijs op het niveau B1 aangeboden. De resultaten tot medio 2025 wijzen echter uit dat het [...]
Risicothema's
Governance en verslaggevingPersoneel, diversiteit en behoud van talentVeranderende wet- en regelgeving
Waarom deze indeling: De Rekenkamer stelt vast dat nulmeting, streefwaarden en indicatoren voor de Wet inburgering 2021 ontbreken en dat de uitgaven versnipperd en deels niet herleidbaar zijn, waardoor niet is na te gaan wat het geld opleverde; ook wordt het lerend stelsel traag benut omdat wetswijzigingen jaren duren. Het arbeidsmarktdeel is dragend: van cohort 2022 werkte 28 procent op enig moment na drie jaar, vooral in horeca en uitzendwerk en niet in tekortsectoren, en van 73 procent van de statushouders is het opleidingsniveau onbekend, zodat arbeidspotentieel onbenut blijft. De wetgeving zelf staat centraal via de botsende doelen van Wi2021 en Participatiewet, vier opeenvolgende inburgeringswetten en het oordeel van het Europees Hof dat standaardbeboeting in strijd is met EU-recht.
Toegekend met een AI-model (Opus 5) op basis van de zestien thema's van Risk in Focus; niet door mensen gevalideerd. Om de labels beter te onderbouwen gaan we ze gefaseerd herbeoordelen met een tweede, onafhankelijk model van een andere aanbieder (OpenAI naast Anthropic); vanwege tokenlimieten gebeurt dat stapsgewijs. Ziet u een fout? Laat het weten.
Waar hoort dit rapport bij?
- Ministerie
- Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Onderdeel volgens het rapport
- directeur-generaal Sociale Zekerheid en Integratie
- Bron
- Algemene Rekenkamer
- Toegepaste standaard
- ISSAI
- Datum
- 2026-01-28
Bronnen
- Het rapport zelf
- originele publicatie
- Omschrijving
- officiële omschrijving, overgenomen van de publicatiepagina
- Risicolabels
- toegekend met een AI-model (Opus 5) volgens de zestien thema's van Risk in Focus (ECIIA), niet door mensen gevalideerd
- Bijgewerkt
- augustus 2026